Johann von Staupitz (ca. 1460-1524), biechtvader van Luther. Door de Saksische keurvorst Frederik de Wijze wordt hij betrokken bij de oprichting (1502) van de nieuwe academie te Wittenberg, waar hij ook professor wordt. Ook is hij vicaris-generaal (d.w.z. plaatsvervangend hoofd) van de Duitse tak van de orde der Augustijnen. In deze hoedanigheid leert hij Luther kennen. Hij is Luthers raadgever en bemoedigt hem in zijn geloofsstrijd. Hij breekt niet met de rooms-katholieke kerk, hoewel hij wel reformatorische gedachten koestert. Na Luthers breuk met Rome wordt Von Staupitz hofprediker en abt van een Benedictijner klooster. Door de Lutherse kerk wordt hij na zijn dood wel als één van hun gezien.
Luther zegt over hem: ‘Als Doctor Staupitz, of liever, God dóór Doctor Staupitz mij niet uit de verzoekingen geholpen had, ik ware er in verzopen, en allang in de hel’.