In 1541 wordt het Rijksverdrag van Regensburg gesloten. Hier verklaren de protestantse vorsten alleen mee te helpen aan de verdediging van het Duitse rijk tegen de Fransen en Turken als het protestantisme in hun gebieden vrijgelaten wordt. Op deze vorstenontmoeting is nog een andere kwestie aan de orde: Philips van Hessen wil – hoewel gehuwd – een (geheim) tweede huwelijk aangaan. Hij vraagt verschillende reformatoren; deze zijn terughoudend.
Ze wijzen (net als de katholieken) een dubbelhuwelijk af (dat is bigamie en daarop staat de doodstraf), maar willen uit pastorale overwegingen het toestaan, als het maar geheim blijft. Het geheim wordt echter openbaar. Zo komt Philips in een isolement. Hij kan alleen nog voor de keizer op de knieën gaan. De Schmalkaldische Bond moet enkele eisen van de keizer slikken: ze mogen geen verdragen meer aangaan met buitenlandse mogendheden (zoals Frankrijk of Scandinavische landen). Zo wordt de protestantse macht gekortwiekt.