Thomas Cranmer (1489-1556) wordt als katholiek geestelijke die sterke invloed van Erasmus had ondergaan, benoemd tot raadgever van de Engelse koning Hendrik VIII, die in zijn huwelijksproblemen van Cranmer de raad krijgt om zijn huwelijk te laten ontbinden. Dit leidt tot een breuk met Rome en de vorming van de Anglicaanse kerk. In 1533 wordt Cranmer aartsbisschop. Zijn pogingen om te komen tot verdere reformatie mislukten door het grillige beleid van de koning waaronder hij functioneert.
Met koning Eduard VI komt het tot de ook door Cranmer gewenste verdere reformatie, onder andere met het Book of Common Prayer. Ook komen er verschillende reformatorische leiders uit Europa naar Engeland. In 1553 komt een nieuwe belijdenis uit in 41 artikelen. Nadat koningin Mary Tudor aan de macht is gekomen wordt Cranmer gearresteerd en wordt een begin gemaakt met de rekatholisering van Engeland. Cranmer wordt als ketter veroordeeld. Om zijn leven te redden herroept hij zijn eerdere reformatorische leringen. Toch wordt hij ter dood veroordeeld. Op de brandstapel maakt hij bekend dat hij zijn eerdere herroeping intrekt en wil sterven als protestant.