Menno Simons breekt definitief met de katholieke kerk

Menno Simons breekt definitief met de katholieke kerk

Vorige Volgende

Gebruik de rewind-forward knop om door de tijdlijn te scrollen.

Kort na de ondergang van het doperse Munster in 1536 verlaat Menno Simons officieel de katholieke kerk. Na verdieping in de Bijbel sluit hij zich uit overtuiging aan bij de doperse beweging, waar hij een van de meest invloedrijke leiders wordt. Hij bewaart afstand tot de gewelddadige uitwassen van de doperse beweging. Simons dringt aan op tolerantie. Door de vervolgingen moet hij telkens vluchten, tot in Noord-Duitsland toe. Hij legt in zijn preken de nadruk op een christendom dat zich van de wereld afgezonderd houdt en geweldloos leeft, waarin de levensheiliging voorop staat – inclusief een strenge tuchtpraktijk.

In 1554 houdt Simons in het Noord-Duitse Wismar tot twee keer toe een langdurig godsdienstgesprek met de gereformeerde voorganger Marten Micron. Het grootste verschilpunt is de leer omtrent de menswording van Christus. Menno gelooft niet dat Jezus werkelijk het vlees en bloed van moeder Maria heeft aangenomen; Jezus zou alleen maar door haar zijn heengegaan (wat dus betekent dat Jezus een schijnlichaam zou hebben). Zowel Menno Simons en de zijnen als de gereformeerden worden na deze gesprekken uitgewezen uit Wismar. Simons’ volgelingen, ook wel mennonieten genoemd, staan bekend als ‘stillen in den lande’.

In de 17e eeuw emigreren kleine groepen mennonieten uit Duitsland naar de Verenigde Staten, waar ze als ‘Amish’ bekend staan.

Selecteren

Geef de volgende types weer